Spanje en Portugal 2004

Dit jaar is het precies 15 jaar geleden dat een goede vriend en ik met de trein door West-Europa zouden gaan reizen.

In de aanloop naar onze zomerse treinreis kochten we kort van te voren een interrailticket Geld omwisselen was voor België, Luxemburg, Frankrijk, Spanje en Portugal zou heel leuk geweest zijn, maar was sinds anderhalf jaar niet meer nodig door de invoering van de euro. Wel zou deze reis een goede gelegenheid zijn om onze euromuntenverzameling aan te vullen.

Maar kort van te voren zou een longontsteking bijna roet in het eten gooien. Gelukkig was daar een adequate antibioticakuur voor, echter was deze geheel onbruikbaar door de ziekte van Pfeiffer. Aangezien ik geen annuleringsverzekering had afgesloten, en in hoeverre dat überhaupt mogelijk was geweest, besloot ik toch mee te gaan.

Klik hier om alles terug te lezen.

🇧🇪 Antwerpen – Utrecht

Er volgt in onze treinreis naar huis nog één overstap, namelijk in Rotterdam. De scoutinggroep is al eerder in Nederland uitgestapt. Een pijnlijke confrontatie lijkt daarmee afgewend te zijn.

In Rotterdam worden we nog eenmaal gecontroleerd en reizen we met een intercity door naar Utrecht. Eerder dan gepland komen we uiteindelijk aan in onze thuisstad. Er volgt nog een korte busrit naar het huis van mijn reisgenoot om de eerste verhalen te vertellen. Daarna is de vakantie van 2004 dan toch echt ten einde.

🇧🇪 Brussel

In Brussel gaat het mis. Vanuit de trein begeven wij ons naar de bussen, geheel conform het reisadvies dat we eerder in Luxemburg kregen. Echter wisten de lokale buschauffeurs van niks, ze kenden de plaats niet, en vroegen of we niet Tollembeek bedoelden. We nemen geen risico en vragen het nogmaals na bij de balie van de Belgische Spoorwegen.

Na een half uur in de rij gestaan te hebben, moeten we helaas de conclusie trekken dat de Luxemburgse Spoorwegen beter op de hoogte zijn van het ov-netwerk van België, dan hun Belgische collega’s. Door deze vertraging komt ons reisschema ook in het gedrang, en zullen we Tombeek op een ander moment in moeten plannen.

We reizen vervolgens door naar Nederland. Aanvankelijk hebben we geluk doordat we een gehele treinwagon voor ons alleen hebben. Helaas stapt een station later een Waalse scoutinggroep in. De kinderen, die allen Frans praten vinden ons een leuk object om over te roddelen. Het gevoel is geheel wederzijds en wij beginnen de beginnende pubers stuk voor stuk te voorzien van geinige bijnamen. Zij weten immers niet dat wij wel degelijk Frans kunnen verstaan.

De lol is er al gauw vanaf als één van de kinderen zegt dat ze ook Nederlands kunnen. We hebben duidelijk niks geleerd van het akkefietje in de dierentuin van Lissabon. Wijselijk besluiten we om een coupé voor onszelf te regelen.

🇱🇺 Luxemburg

Na een enerverend bezoekje aan Metz, stappen we ietwat gedesillusioneerd in de trein richting België. De kortste route vanuit noordoost Frankrijk is reizen via Luxemburg. Voor ons gevoel een omweg, maar we reizen immers met een interrailkaartje, dus op de prijs hoeven we niet te letten.

In Luxemburg moeten we overstappen op een trein die ons naar België zal brengen. We hebben nog één plek die we zeker willen bezoeken, namelijk Tombeek. Daar staat het al jaren verlaten sanatorium Joseph Lemaire. Een imposant gebouw dat het fotograferen meer dan waard is.

Aan de balie in Luxemburg vragen we om een reisadvies. Het vriendelijke personeel stippelt een multimodale reis uit. We reizen eerst per trein naar België, en stappen daar ergens over op een bus naar Overijse, nabij Tombeek. We nemen dit advies ter harte en stappen na een korte lunch in de trein richting Brussel.

🇫🇷 Metz

In Metz hebben we twee doelen; een slaapplaats en een bezoek aan de outlet; die hier bekend staat onder de naam Marques Avenue. Het eerste gaat ons relatief gemakkelijk af. Een degelijke hotelkamer met een wat minder degelijke muur, waar gedurende de volgende dag spontaan een luik uit valt.

Marques Avenue is een heel ander verhaal. Na wat onderzoek blijkt dat de outlet niet op loopafstand zit van ons hotel en dus ook niet op loopafstand van het centrum. Het openbaar vervoer lijkt een goed alternatief, maar hoewel we zelfs met de bus naar Woippy kunnen, is Marques Avenue onbereikbaar. Er rest ons niets dan het nemen van een taxi.

De taxichauffeur vraagt of we zeker weten dat we daarheen willen. De enige reden dat we hier zijn, is Marques Avenue, dus ja, veel keus hebben we niet. Terwijl we het centrum uitrijden zien we de taximeter als een bezetene omhoog schieten. Vooral op de snelweg richting de outlet, die feitelijk in Talange, een buurgemeente van Metz ligt, is de meter niet meer bij te houden. Ruim €30 armer, voor een enkele reis, duiken we de winkels in.

We zien winkels van onbetaalbare merken, en trekken in sommige winkels de conclusie dat de prijzen en de met name Italiaanse maten, ver buiten ons bereik liggen. Ook de taxirit terug hebben we alvast ingerekend. Desondanks slagen we in sommige winkels en stappen we met gesloten ogen in de taxi terug naar Metz.

🇪🇸 Barcelona – Cerbère

Op onze terugreis willen we nog twee plaatsen gegarandeerd bezoeken. De eerste ligt in Frankrijk, namelijk Metz. De tweede in België, Tombeek. De laatste is minder goed per trein bereikbaar, maar we gaan de uitdaging graag aan. Al zullen we vanuit Spanje toch echt eerst in Frankrijk moeten komen.

Vanuit Barcelona zullen we de trein naar Cerbère nemen. Deze kleine stad ligt in Frankrijk, tegen de grens met Spanje aan. We zullen bijtijds moeten vertrekken, want deze trein willen we niet missen. Op het station gaat het mis. We vallen in slaap, waardoor we de trein missen. Ook de tweede reismogelijkheid missen we, want we vallen weer in slaap. Driemaal is scheepsrecht, onze derde poging lukt.

Later dan gepland arriveren we in Cerbère. Geheel tegen onze verwachting in zullen we hier een nachttrein moeten nemen naar Metz. Deze dienen we te reserveren bij de Franse Spoorwegen. Echt luxe is het niet, we komen in een wagon terecht met ligstoelen. Daarnaast delen we de wagon met ruim 50 anderen. Wanneer vervolgens een stelletje besluit hardop te gaan zoenen, is het gedaan met de nachtrust van de 48 anderen.

Na op diverse locaties een korte tussenstop gemaakt te hebben, waaronder voor ons gevoel zelfs in Zwitserland, komen we de volgende dag aan in Metz.

🇪🇸 Barcelona

Met redelijk wat spierpijn komen we aan in Barcelona. Een stad van formaat, die wat Amerikaans aandoet. Zeker als je kijkt naar een deel van de plattegrond. Hier zullen we sowieso wat langer verblijven dan in de andere dorpen die we eerder bezochten. Een goede slaapplek is dan wel belangrijk.

De eerste locatie die direct de aandacht trekt is het Gothic Pension. Maar helaas, hier is geen plek. We wijken vervolgens uit naar de wijk Barri Gòtic. Het beste alternatief blijkt. De wijk, die bijna helemaal in de gotische bouwstijl is gebouwd kent tal van pensions. In één van deze pensions is nog een klein kamertje vrij, aldus de vriendelijke eigenaar.

De kamer blijkt immens, de vraag stelt zich hoe groot de andere kamers dan wel niet moeten zijn. Ook de gedeelde badkamer is een pareltje en is de beste die we de afgelopen tijd hebben gezien.
De volgende ochtend worden we gewekt door een butaangasverkoper, die door de smalle straten herhaaldelijk “butano!” schreeuwt. Wij maken ons klaar voor een wandeling naar de dierentuin, Parc Zoològic de Barcelona.

De dierentuin ligt zeer dicht bij onze slaapplek, waardoor we relatief snel binnen zijn. Het park is zeer groot. Eigenlijk te groot om in één keer te bezoeken. We snoepen wat extra tijd door na sluitingstijd te blijven hangen. Een verraste medewerker escorteert ons vervolgens naar de uitgang. Diezelfde avond plannen we in een internetcafé, waar je tegoed op een pasje kan laden, onze terugreis.

🇪🇸 Lugo

De nacht brengen we uiteindelijk wel door onder een sterrenhemel. Op het station van Burela zullen we de slaap moeten vatten. De weerberichten blijken het ook nog eens mis te hebben; het is namelijk steenkoud. Daarnaast is de treindienstregeling ook niet optimaal; waardoor we noodgedwongen een bus pakken richting Lugo, een grote stad in de buurt.

We rijden in de vroege ochtend weg en komen ruim 2,5 uur later aan in Lugo. Het blijkt de verrassing van de vakantie te zijn. We hadden nog nooit van de stad gehoord en hebben ons volledig ondergedompeld in al het moois dat de stad te bieden had. Het hoogtepunt van het bezoek was de stadsmuur, die volledig te bewandelen is. Zouden we in plaats van Vigo naar Lugo gemoeten hebben? Het scheelt immers maar twee letters.

Ondertussen begint de uiterste geldigheidsdatum van ons interrailticket ook dichterbij te komen. In Spanje willen we gegarandeerd nog Barcelona bezoeken. Dezelfde dag vinden we een directe busverbinding vanuit Lugo naar Barcelona. Een rit met een waanzinnige rijtijd van maar liefst 14 uur. Een treinverbinding zou sneller zijn, maar vanuit Lugo is dit alleen te regelen met de nodige krappe overstappen op verschillende stations.

We kiezen voor de tweede keer voor de bus, en kopen bij de chauffeur een vervoerbewijs. Onze bagage stoppen we in de rekken en nemen plaats voorin de bus. Achter ons zit een moeder met een klein kind, dat zich wonderwel weet te gedragen. Maar we zijn nog geen uur onderweg, als het kind nogal vreemd begint te hoesten. Mijn instinct zegt dat het kind moet kotsen. Terwijl ik mijn angst aan mijn reisgenoot uit; vult het voorste gedeelte van de bus zich met een weeïge zoete aardbeigeur. Alsof je een yoghurttoetje een halve dag in de brandende zon hebt laten staan.

Deze lucht 14 uur lang volhouden is niet te doen. Zeker niet omdat we niet weten of het kind uitgekotst is. Bij de volgende stop worden onze gebeden verhoord; het blijkt dat op onze buskaarten stoelnummers staan. De stoelen waar wij op zitten, zijn gereserveerd door mensen die later op de route instappen. De chauffeur verzoekt ons vriendelijk te verkassen. Wat ons betreft totaal geen probleem.

🇪🇸 Burela

Vanuit Ferrol pakken we een stoptrein naar Burela, die veel stations langs de Spaanse noordkust aandoet. Bij aankomst blijkt Burela een nagenoeg uitgestorven dorp te zijn. Het treinstation, dat blijkbaar vroeger veel drukker was, is door middel van houten wanden verkleind.

We zien de figuurlijke bui al hangen, een slaapplek vinden zou lastig worden. Het weer is tot dan toe nog erg goed, en het weerbericht in de kranten voorspelt nog meer goed weer. Na een kort overleg hakken we de knoop door; we gaan op het strand slapen. Erg gewaagd, met eb en vloed, maar op zich wel leuk. Alleen die bagage dragen, dat begint een probleem te worden.
De oplossing lijkt simpel; het station heeft meer bagagekarretjes dan reizigers per dag (of maand). We halen behendig een karretje uit de stalling, beladen het ding efficiënt, en wandelen naar de poort van het stationsterrein.

Terwijl de twee voorwielen over de denkbeeldige grens van het stationsgebied gaan, verschijnt er een wapen met daaraan vast een politieagent. Met een geïmproviseerde smoes, dat we het karretje alleen naar de taxi mee wilden nemen, proberen we onder de aanklacht van diefstal uit te komen. Het lijkt te werken, want de agent wil nu alleen nog onze namen hebben. Aangezien ik de enige ben die boven de 18 is, wordt alleen mijn naam en paspoortnummer genoteerd. Niet handig.

Wat ook niet handig is, is dat we nu verplicht een taxi moeten nemen om het verhaal geloofwaardig te houden. Slapen op het strand kunnen we nu wel vergeten.

🇪🇸 A Coruña – Ferrol

De eerste plek waar we terechtkomen is Nine, daar stappen we over op een trein die ons wat verder zal brengen dan de dorpen rondom Vigo.

Na een paar uur in een heerlijk koele trein vertoefd te hebben, komen we aan in A Coruña. Veel van de stad hebben we uiteindelijk niet gezien, althans ik. De longontsteking en de Pfeiffer begonnen toch parten te spelen. Na een heerlijk schoonheidsslaapje van pakweg 10 uur en een badsessie met een sok in de afvoer, verlaten we de volgende ochtend deze stad.

Onze volgende treintocht brengt ons in Ferrol, de geboortestad van Francisco Franco. Een overzichtelijk ingedeeld stadje, waar we relatief snel een goedkope slaapplek vinden. We duiken diezelfde in het bruisende nachtleven. We beginnen in een bar en eindigen in een nachtclub. Na het halen van een frisse neus mag ik uiteindelijk de nachtclub niet meer in, waarna ik besluit een rondje in de stad te lopen.

Na een klein half uur neem ik plaats op één van de vele bankjes in een winkelstraat, nabij onze hotelkamer. Vrijwel meteen word ik aangesproken door een gespierde jongeman die naar de naam Juan luistert. Hij is bovengemiddeld geïnteresseerd in me; hij vraagt waar ik vandaan kom, naar mijn favoriete alcoholische drankje en of ik alleen ben. Daarnaast pocht hij ook met het feit dat hij bij de armada zit. Tijdens het gesprek werd het duidelijk; hij zag me aan voor een Nederlands meisje dat ’s nachts alleen aan het zwerven was in een Spaanse stad.

Zijn aanbod om nog mee te gaan naar club Whirlpool sla ik vriendelijk af, en ik sprint vervolgens naar onze hotelkamer. Wel met een omweg, want op ongewenst bezoek zit ik niet te wachten.
De volgende ochtend pakken we een taxi naar het treinstation.