🇧🇪 Tombeek 9

Ik neem geen enkel risico en verduister de röntgenfoto’s door deze in de bosjes te gooien. Uit voorzorg verwissel ik het geheugenkaartje van mijn fototoestel. Wie er nu op kijkt ziet kiekjes uit Spanje en Portugal van vorig jaar. Foto’s die geeneens met dit fototoestel zijn gemaakt.

Na een tijdje blijkt het lampje bevestigd te zijn op een lange antenne, die weer vastzit aan de scooter van de politieagent die ons wat vragen wil stellen. “Is dat uw voertuig?”, begint hij? Wij antwoorden bevestigend. De agent vindt het nogal een rare plek om te parkeren, maar hij gelooft ons als we zeggen dat we dit wel een veilige plek vonden.

Dan valt zijn oog op mijn fototoestel. “Als ge hier binnen geraakt, is ’t prijs.”, meldt hij ons. We zijn geenszins van plan om nog een keer, in de duisternis, het sanatorium in te gaan. De agent overigens ook niet, als we moeten geloven wat zich ’s nachts daarbinnen afspeelt.

We merken dat de agent twijfelt, waarna ik hem de foto’s laat zien die op het kaartje staan. Het lijkt te werken en hij wenst ons nog een fijne avond. Opgelucht nemen we plaats in de auto en rijden voorzichtig de lange oprit af.

🇧🇪 Tombeek 8

Doordat de kelder deels bovengronds is gebouwd, hebben we hier genoeg daglicht. We beginnen in de kamers waar dit het geval is. Hier doen we een grote ontdekking; er liggen tal van dossiers van patiënten, inclusief adressen en zelfs röntgenfoto’s. We besluiten er één mee te smokkelen in onze weg naar buiten.

Eenmaal buiten bezoeken we nog het mortuarium, waar we helaas geen enkele heldere foto kunnen maken. Inmiddels zijn we zo lang in en om het gebouw geweest dat we uit voorzorg niet direct naar de auto gaan. Het blijkt dat enkele andere gebouwen op het terrein nog bewoond zijn, en we inmiddels wel de aandacht hebben getrokken.

We dwalen aanvankelijk een stukje in de Lanevallei, waarna we terechtkomen in iemands achtertuin. Het blijkt de tuin te zijn van een voormalige verpleegsterswoning. Ook hier moeten we niet teveel aandacht trekken, en sluipen we door tot we de hoofdweg bereiken. We pauzeren kort in een frietkot.

Hoewel we allang in Gent hadden moeten zijn, zitten we nog niet eens in de auto. We zullen eerst de auto moeten ophalen, en die staat nog bij het sanatorium. We wandelen terug via de hoofdweg en beklimmen de steile oprit. Halverwege zien we in de verte een klein blauw lampje dat zich langzaam in onze richting beweegt.

🇧🇪 Tombeek 7

Inmiddels hebben we het vermoeden dat we niet meer alleen zijn. In het trappenhuis, dat een enorme klankkast blijkt te zijn, is goed te horen dat we te maken hebben met een andere groep. We horen meerdere stemmen en veel voetstappen.

We besluiten door te gaan met onze ontdekkingstocht en gaan naar de derde etage. Ook hier treffen we veel kamers waar ooit bedden hebben gestaan. Op die etage vinden we, buiten aan de gevel, een trap, die ons naar het dak leidt. Het dak is spekglad door de vorst die vroeg heeft ingezet. Met enige voorzichtigheid komen we aan bij het frame waar ooit de letters die de naam van de verzekeraar vormden aan gemonteerd zaten.

Na het avontuur op het dak begeven wij ons naar beneden. We willen echter wel weten die de mensen zijn die zich ook in het gebouw bevinden. De auto had immers een Belgisch kenteken, maar was niet van de politie. Een beveiligingsbedrijf zou ook nog goed kunnen. Stiekem was dat de motivatie om naar het dak te gaan; daar zouden ze ons niet zo gemakkelijk kunnen vinden.

Op de eerste etage horen we de stemmen het hardst. We nemen een risico en gaan de confrontatie aan. Het zouden immers ook drugsgebruikers of –dealers kunnen zijn die uit het zicht willen gebruiken of een transactie willen voltooien. Terwijl we de stemmen naderen neemt de spanning toe.

Het blijkt te gaan om een ietwat foute fotograaf met een wat schaars gekleed meisje. We kunnen opgelucht ademhalen. De dame lijkt meerderjarig, dus verdere actie is niet nodig. Met een gerust hart zakken we af naar de kelder.

🇧🇪 Tombeek 6

We komen terecht in tal van kamers waarvan we niet weten waarvoor ze ooit gebruikt zijn. Andere kamers zijn makkelijker te identificeren door de achtergelaten spullen. Zo komen we de sterilisatieruimte tegen waar men instrumenten ontsmette. Ook de toiletten en badkamers laten weinig aan de verbeelding over. Uiteindelijk belanden we in de grote zaal; waar men elkaar kon ontmoeten en waar ter ontspanning spellen gespeeld konden worden.

Na wat tobben, met name door de mogelijke slechte staat van het gebouw, gaan we toch een etage omhoog. Hier vinden we de eetzaal, de keuken en het terras. Nog een etage hoger wordt het wat spannender. De patiëntenkamers zijn allemaal te bezoeken, maar de gaten in de vloeren maken ons toch wat voorzichtiger.

De grote hoeveelheid ramen spreekt tot de verbeelding. Maar ook het uitzicht dat men vroeger had op de Lanevallei is indrukwekkend. En dan valt ons iets op; er staat nog een auto geparkeerd, praktisch tegen die van ons aan…

🇧🇪 Tombeek 5

Na een lang gesprek met de uitbater van de kroeg, en veel informatie over het lokale kasteel rijker, stappen we in de auto op weg naar de Lanevallei. Na een paar minuten rijden komen we de oprit tegen, die steil omhoog lijkt te gaan. Plankgas nemen we de bocht en rijden we de lange overwoekerde oprit op. Aan het einde is een kleine keerlus aanwezig, waar we parkeren. Hoge hekken, met tal van borden die ons waarschuwen voor asbest, instortingsgevaar en het feit dat binnentreden inbreken is, moeten ons tegenhouden. Uiteraard zijn de borden tweetalig.

Ook zien we het bord van de projectontwikkelaar, die al een tijd het gebouw probeert om te toveren tot kantoorpand. Helaas is dat tot op heden niet gelukt, waardoor het sanatorium nog altijd leeg staat.

De hoge dranghekken zijn goed aan elkaar vastgemaakt, behalve het hek dat half in de bosjes staat. Er vormt zich een opening, precies groot genoeg om doorheen te glippen; alsof het ervoor gemaakt is. We kijken nog even om ons heen en verzekeren ons ervan dat we alleen zijn. In nog geen halve minuut staan we achter het hek, en binnen een minuut zelfs binnen.

We beginnen in de hal, waar we de kenmerkende mozaïek tegenkomen. De oude voordeur is dichtgetimmerd, maar door de grote raamkozijnen waar in vroegere tijden een raam in zat, is binnenkomen geen probleem. Vanuit de hal besluiten we eerst de begane grond te verkennen.

🇧🇪 Tombeek 4

Sinds 1987 is er geen TBC-patiënt meer behandeld in het sanatorium. In die jaren hebben makelaar en overheid naarstig gezocht naar een functie voor het immense gebouwencomplex dat bestaat uit het hoofdgebouw, een mortuarium, verpleegsterswoningen en een conciërgewoning die tevens de toegangspoort is. De verpleegsterswoningen zijn in de tussenliggende jaren omgebouwd tot volwaardige moderne woningen, maar omdat de overheid het geheel tot monument heeft verklaard ziet de buitenkant er nog steeds zo uit als voorheen.

De andere gebouwen hebben nog altijd geen functie, en ook de tuin is verwilderd. Huurders en kopers haken keer op keer op het laatste moment af en een poging om er een asielzoekerscentrum van te maken, viel weer niet in goede aarde bij de lokalen. Tegenwoordig biedt het gebouw een rustige omgeving aan hangjongeren, krakers en fotografen. De eerste twee groepen komen voornamelijk uit het nabijgelegen Wavre, ze kunnen namelijk op hun gemak drugs gebruiken. De laatste groep komt uit België en buurlanden.

🇧🇪 Tombeek 3

In de jaren ’30 streek de Prevoyance Sociale neer in Tombeek. Joseph Lemaire, directeur van deze socialistische verzekeringsmaatschappij wilde voor de arbeiders in de omgeving een sanatorium bouwen. De vlakte waar het gebouw op staat is destijds door keizer Karel de Vijfde aan de bevolking geschonken. In het interbellum besloot de gemeente de vlakte aan de PS te verkopen. Dit tot grote woede van de kerk, die er een klooster wilde bouwen.

De architect Brunfaut ontwierp het gebouw, dat in 1936 gebouwd werd. Een ruime twee jaar later mochten patiënten er opgenomen worden. TBC was in die tijd een gevreesde longziekte, die met veel schone lucht wel zou genezen. Dat was de tweede reden dat het sanatorium daar gebouwd werd.

De behandelwijze bleef uniek, en ook het gebouw was een trekpleister. Bij de officiële opening was zelfs internationale pers aanwezig. Het moderne ontwerp van het gebouw viel in de jaren ’70 en ’80 niet uit de toon. Het winstgevende gebouw werd eind jaren ’70 nog voorzien van onder andere nieuw glaswerk. Desalniettemin besloot de PS, dat flink moest bezuinigen, toch het sanatorium in 1987 te sluiten. Sinds die dag staat het gebouw leeg. Diverse apparatuur is nog net wel meegenomen, maar veel ook niet.

🇧🇪 Tombeek 2

Tombeek, gelegen in Vlaams Brabant telt ongeveer 1100 inwoners, en is al een paar honderd jaar oud. De lokale fanfare is genoemd naar keizer Karel de Vijfde. Deze keizer is onlosmakelijk verbonden met Tombeek.

In 1532 kwam hij met zijn koets vast te zitten in de omgeving van Tombeek. De inwoners van het gehucht hielpen hem weer los te komen. Als dank beloofde Karel de Vijfde de inwoners een stuk land. Nog elk jaar wordt de rente van dat stuk land uitgekeerd. Op de eerste zondag na Driekoningen krijgt elke inwoner €4 uitgekeerd in het café. De vlakte is nog steeds in het bezit van Tombeek.

🇧🇪 Tombeek 1

De huidige eigenaar vertelt dat het gebouw al sinds jaar en dag in familiebezit is. Bij elke overdracht van ouder op kind, gebeurt er doorgaans iets tragisch. De man, geeft nog een rondje en vertelt ondertussen trots over Tombeek en laat daarbij een reeks aan oude foto’s zien. Ook de talloze keizer Karel de Vijfde tradities passeren de revué. Op de radio klinkt een liedje van Vanessa Paradis als we vragen naar Institut Lemaire. In de volksmond “sana” genoemd.

Nog trotser gaat de man door op het pareltje van de architectuur dat Tombeek siert. In de jaren ’30 is het modern ogende gebouw neergezet, als verrijking van de Lanevlakte. De trots slaat om in treur als hij vertelt hoe erg het gebouw is afgetakeld en vernield door vernielzuchtige vandalen. Na een korte routebeschrijving en nog een rondje besluiten we om naar het gebouw te rijden.

🇳🇱 Utrecht – Tombeek

Een turbulente reis naar Gent, via Tombeek zorgde voor vele opmerkelijke momenten. Vanuit Utrecht vertrokken we, via de Albert Heijn naar Gent. In de kofferbak lag ruim anderhalve kilo aan shoarma en andere bederfelijke waar, die tot aan Gent moesten blijven liggen.

Op de heenreis zouden we ook Tombeek bezoeken. Een eerdere poging in juli 2004 mislukte, omdat het plaatsje bij de Belgische Spoorwegen onbekend was. Er zou misschien wel een bus naartoe gaan, maar volgens de buschauffeurs, die expliciet vermeldden dat ze geen informatiedienst waren, moesten we ook die hoop opgeven.

Met de auto was Tombeek wel te bereiken. Bijna dan, want bijna een jaar later lijkt het er nog steeds op dat er een vloek op het dorp rust. De reguliere afslag was afgesloten voor alle verkeer. Via een redelijke omweg kwamen we alsnog aan in het gehucht dat 1100 inwoners telt. Toevalligerwijs zetten we de auto neer voor een café, dat dienst doet als buurtcentrum. Uiteindelijk blijkt dit het oudste gebouw van Tombeek te zijn.