Elektrisch steppen

Naast de vele fietsverhuurders, zijn nu ook de elektrische steppen in opkomst. Inmiddels zijn er twee aanbieders actief in Tallinn. De eerste elektrische stepjes werden in 2019 door Bolt geïntroduceerd. Na de winter, begin 2020, verschenen meer aanbieders. Enkel Tuul overleefde de concurrentiestrijd.

Om de stad nog enigszins netjes te houden, heeft Tallinn speciale parkeerplaatsen aangelegd voor deze populaire stepjes. In principe zijn dit de plekken waar de verhuurder de voertuigen neerzet, maar gebruikers worden ook aangemoedigd deze parkeerplekken te benutten.

Om de veiligheid in de stad te waarborgen, worden gebruikers van de step verzocht een foto van hun gestalde vervoermiddel te verzenden naar de aanbieder. Op die manier weet men zeker dat de step in goede conditie is achtergelaten, maar ook dat deze niet hinderlijk is gestald.

De step is een populair vervoermiddel in Estland. De reden hiervoor is dat kinderen al jong met de step in aanraking komen. Kinderen jonger dan 8 jaar mogen namelijk niet op de weg fietsen. Kinderen tussen de 8 en 16 mogen enkel onder begeleiding van een volwassene op de openbare weg fietsen. Veel kinderen kiezen voor de step, hier zitten geen restricties aan.

De Ö-Õ-grens

Het Estse alfabet is uitgebreider dan het Nederlandse. Waar wij gebruik maken van de standaardset letters, hebben de Esten het aangevuld met onder andere de Ä, Ü, Š en Ž. Maar ook de Ö en Õ maken onderdeel uit van het alfabet. Met name de laatste letter is een bijzondere, die naast het Ests enkel nog in het Portugees voorkomt.

De Õ geeft een ontronde O-klank weer, aldus wikipedia. Deze klinker komt voor als korte en lange klank, men schrijft dan simpelweg ÕÕ. Echter wordt deze letter niet in heel Estland gebruikt. Op een deel van het eiland Saaremaa wordt een dialect van het Ests gesproken waarin de Õ-klank is vervangen door de Ö-klank.

Dit is zelfs geografisch af te bakenen. Op de grens tussen deze twee taalgebieden, die loopt van Orissaare in het noorden tot Kõiguste in het zuiden, is een groot kunstwerk geplaatst in de vorm van een “O”, met daarboven op twee puntjes en een tilde, zodat de letter zowel de Ö als de Õ voorstelt. Ten westen van dit beeld gebruikt men de Ö, ten oosten, in de rest van Estland, de Õ (en uiteraard ook de Ö in de woorden waarin deze voorkomt).

Een duurzaam busstation

Ten zuidoosten van de oude binnenstad van Tallinn ligt Tallinna Bussijaam, het busstation van Tallinn. Hiervandaan vertrekken voornamelijk streekbussen en bussen van andere commerciële aanbieders, die in sommige gevallen rijden tot Polen.

De eigenaren van dit busstation zijn van plan om het complete station inclusief stationsgebouw te verduurzamen. Dat begint met een nieuwe inrichting van de busperrons. Elke halte zou geschikt moeten zijn om elektrische bussen op te laden. Op dit moment zijn er ruim 7 verschillende aanbieders van buslijnen, waardoor een standaard laadmethode zeer gewenst is.

Ook het stationsgebouw wordt bij de plannen betrokken. Bovenop het bestaande complex moet een parkeergarage gebouwd worden, waar 228 auto’s gestald kunnen worden. Ook zijn nieuwe kantoren voorzien in de toren, die ruim zeven verdiepingen hoog moet worden. De garage kan gebruikt worden door passagiers, medewerkers en omwonenden. Het gebied naast het busstation, dat nu nog een parkeerplaats is, zal omgevormd worden tot een park.

Het doel van deze renovatie is om mee te gaan in de ontwikkelingen van het duurzaam rijden in het openbaar vervoer. Met dit busstation wil Tallinna Bussijaam een visitekaartje afgeven voor een van de groenste stations in Europa. Hoeveel het project gaat kosten, is op dit moment nog niet bekend. Evenmin is bekend wie voor de kosten moet opdraaien. Men gaat er wel van uit dat zowel de stad Tallinn als de Europese Unie een bijdrage zullen leveren. Immers heeft de EU verduurzaming erg hoog op de agenda staan.

 

Compensatie voor Estse vervoerders

Wie in Estland woont en jonger is dan 7 jaar, of invalide is, mag gratis reizen met de bus. Dit is ruim 20 jaar geleden wettelijk vastgelegd. Vervoerbedrijven zijn verplicht deze doelgroepen gratis mee te nemen, maar krijgen daarvoor geen compensatie. Het blijkt een complexe zaak te zijn, die de afgelopen 13 jaar heeft gespeeld en nu is geëindigd bij het Europese Hof.

De zaak is aanhangig gemaakt door Lux Express, een van de vele busbedrijven die verantwoordelijk zijn voor de streeklijnen in Estland. Net als in Nederland wordt het openbaar vervoer aanbesteed; soms op regionaal of lokaal niveau en een enkele keer zelfs op lijnniveau. In al deze programma’s van eisen komt de wettelijke verplichting terug, waardoor er geen ruimte is voor een alternatief voor de doelgroepen die gratis moeten reizen.

Het werkt ook niet mee dat men in Estland twee methodes hanteert voor het berekenen van de vergoeding. Een deel van de contracten wordt uitbetaald op basis van het totaal aantal gereden kilometers. De inkomsten die gegenereerd worden met de kaartverkoop kan men daarbij optellen. De tweede vorm die men in een contract kan vastleggen, is dat de vervoerder is aangewezen op de kaartverkoop; er is dan geen vergoeding per gereden kilometer. Dit geldt echter alleen voor de gebieden waar nog geen gratis openbaar vervoer is ingevoerd.

De busbedrijven zeggen nu inkomsten te verliezen. De Estse overheid had in 2008 al beloofd om een compensatieregeling op te tuigen. Echter is het sindsdien stil. De ergernissen werden groter toen men streeklijnen gratis begon te maken. Dit project is nog lang niet landelijk ingevoerd, waardoor sommige aanbieders nu nog te maken hebben met het verkopen van kaartjes. Het is vooral pijnlijk, volgens de woordvoerder van Lux Express, om te zien dat daar wel genoeg geld voor is, maar een simpele compensatieregeling nog altijd op zich laat wachten.

In 2018 hebben de vervoerders gezamenlijk nog een poging gedaan om een dergelijke regeling op te zetten. Toen werd duidelijk dat de overheid niet inzichtelijk heeft hoeveel mensen nu tot deze specifieke doelgroepen behoren. De jonge kinderen zijn nog makkelijk te vinden in de algemene persoonsgegevens, maar de mindervaliden staan vaak niet als zodanig geregistreerd.

De eerste rechtszaak vond in juli 2019 plaats. De Estse overheid hield toen nog vol dat de wet volkomen legitiem was. Ook nadat nog drie andere vervoerders zich tot de rechter hadden gewend. Echter sprak het Europese Hof de Estse overheid tegen; de wet die in 2000 is ingevoerd, gaat in tegen de Europese regelgeving. Estland zal hoe dan ook de vervoerders moeten compenseren voor de doelgroepen die gratis met de bus moeten reizen.

Of deze uitspraak in de toekomst nog relevant zal zijn, is nog maar de vraag. Estland is nog steeds voornemens om al het streekvervoer gratis aan te bieden, maar is daarbij afhankelijk van contractuele afspraken die zijn gemaakt bij het gunnen van de concessies.

Alar Karis verkozen tot president van Estland

Alar Karis is vanochtend, 31 augustus 2021, verkozen tot president van Estland. Tijdens de tweede stemronde van deze verkiezingen behaalde hij 72 stemmen, vier meer dan het minimum van 68. Karis was de enige kandidaat die voorgedragen was.

De 63-jarige Karis bedankte na afloop eenieder die op hem gestemd had, maar ook degenen die dat niet deden. Hij gaf tevens aan een goede werkrelatie met de Riigikogu na te streven. Hoewel de stemming anoniem was, is op dit moment al duidelijk dat de leden van EKRE niet op Karis hebben gestemd, zij hoopten in een verdere ronde Henn Põlluaas alsnog voor te kunnen dragen.

Deze presidentsverkiezingen verliepen aanzienlijk sneller dan die in 2016. Destijds waren er meerdere rondes nodig om uiteindelijk Kersti Kaljulaid te kiezen als president. Kaljulaid, die er geen geheim van maakte een tweede termijn te ambiëren en mateloos populair is bij de bevolking, heeft zich voor de eerste ronde niet aangemeld als kandidaat. In de Riigikogu zou zij te weinig steun krijgen.

Kaljulaid zal op 11 oktober het ambt overdragen aan Karis.

Estse presidentsverkiezingen – deel 5

Het leek een uitgemaakte zaak, de kandidatuur van Alar Karis zou vandaag, 30 augustus, omgezet worden in het presidentschap van Estland. De directeur van het Ests Nationaal Museum was voorgedragen door twee coalitiepartijen en werd gezien als ideale kandidaat.

Voor de voordracht waren 21 stemmen nodig, die gemakkelijk werden behaald. Om vervolgens gekozen te worden door de Riigikogu waren 68 stemmen nodig, Karis ontving er 63. 59 kwamen er van de coalitiepartijen, de resterende 9 zouden van andere partijen moeten komen, maar dat lukte net niet. Enkele leden uit de fractie van de sociaal democratische partij en Isamaa waren niet overtuigd van deze kandidaat. De voltallige fractie van EKRE stemde niet mee, zij steunen nog steeds hun eigen kandidaat Henn Põlluaas, die door gebrek aan steun van andere partijen niet meedeed aan de verkiezing.

Morgen volgt er een nieuwe stemming, die mogelijk hetzelfde resultaat zal opleveren. Om 8:00uur lokale tijd kunnen nieuwe kandidaten zich aanmelden. Rond 10:00uur sluit de inschrijving en zal een nieuwe stemronde plaatsvinden. De twee coalitiepartijen, Keskerakond en Reformierakond, hebben aangegeven achter Alar Karis te blijven staan. Het is nu  Karis om de twijfelende leden van de Riigikogu te overtuigen om alsnog voor hem te kiezen. Echter is hij dat niet van plan, waardoor een derde ronde onvermijdelijk lijkt.

De derde stemronde gaat doorgaans tussen de top 2 van de tweede ronde. Mocht Karis nog steeds de enige kandidaat zijn, dan is hij dat ook in deze derde ronde. Indien hij dan alsnog weigert in gesprek te gaan met kamerleden die niet op hem stemmen, eindigt deze presidentsverkiezing mogelijk weer bij het Kiescollege van Estland. Dan stemmen niet alleen de 101 leden van de Riigikogu mee, maar ook 107 vertegenwoordigers van de politieke partijen uit alle regio’s. In 2016 was zelfs deze constructie weinig succesvol, omdat er destijds geen kandidaat met een grote meerderheid werd gekozen, en dat terwijl er dan niet 66% maar 50% van de stemmen nodig is.

Dat ligt dit jaar anders, aangezien het nu puur om de steun aan Karis lijkt te gaan. Ondertussen is er ook een petitie gestart door inwoners van Estland om Kersti Kaljulaid voor een tweede termijn te beëdigen. Onder de bevolking is zij zeer populair omdat zij zich durft uit te spreken over kwesties die in het land spelen. Deze eigenschap is voor enkele politieke partijen juist de reden om niet voor haar te kiezen; ze zou te kritisch zijn.

Dat zij zich nog niet heeft uitgesproken, kan een tactiek zijn. Pas in de vierde ronde, wanneer het kiescollege mede aan zet is, zou zij zich mogelijk kandideren. De kans is namelijk groot dat zij dan wel 50% van de stemmen weet te behalen, vanwege haar populariteit. Hoewel het scenario van morgen al vast lijkt te staan, blijft het toch een verrassing wie er morgen mogelijk ook een gooi gaat doen naar het presidentschap.

Estse presidentsverkiezingen – deel 4

Over enkele dagen kiest de Riigikogu naar alle waarschijnlijkheid een nieuwe president. Wie het hoogste ambt van Estland moet gaan bekleden, is nog onduidelijk. Gedoodverfde kandidaten zijn niet verkiesbaar, namen die uiteindelijk genoemd worden, blijken onvoldoende steun te krijgen en van Kersti Kaljulaid, de huidige president, weet niemand of zij een tweede termijn ambieert.

Nadat Soomere nauwelijks steun leek te krijgen van de achterban van de partijen die hem hadden voorgedragen, staken de geruchten dat de voorzitter van de Riigikogu, Jüri Ratas, zich verkiesbaar zou stellen. Deze hardnekkige geruchten wist hij niet te ontkrachten. Waarschijnlijk lukt hem dat pas wanneer hij een nieuwe kandidaat voorstelt.

Die naam is er inmiddels, Alar Karis, directeur van het Ests Nationaal Museum. Inmiddels heeft Karis al gesproken met een delegatie van Reformierakond. Deze partij lijkt, net als Ratas’ partij Keskerakond, positief over deze kandidaat. Karis zal nu met andere politieke partijen moeten gaan praten om hen ervan te overtuigen op hem te stemmen. Naar verwachting zullen die gesprekken komende week volgen.

Op steun van EKRE hoeft Karis niet te rekenen, zij hebben hun eigen presidentskandidaat. Voor het aantal stemmen maakt het niet uit, ook zonder EKRE zal Karis voldoende stemmen behalen als hij daadwerkelijk wordt voorgedragen.

Taasiseseisvumispäev

Vandaag is het precies 30 jaar geleden dat Estland onafhankelijk werd, of feitelijk opnieuw onafhankelijk. Op 24 februari 1918 verklaarde het land zich al onafhankelijk, maar werd daarna bezet door de Sovjet-Unie, Duitsland en nogmaals de Sovjet-Unie die door het Molotov-Ribbentroppact enorm veel invloed kreeg in Oost-Europa.

In de jaren die volgden na de Tweede Wereldoorlog groeide wens om Estland weer onafhankelijk te maken van de Sovjet-Unie. In 1985 kwam dit proces in een stroomversnelling na het aantreden van Gorbatsjov. Zijn vernieuwende politiek bood ruimte voor verandering. Het was wellicht niet de verandering die men in Moskou voor ogen had, maar in Estland benutte men die ruimte zo goed als mogelijk, net zoals men dat in 1918 had gedaan.

In april 1988 werd voor het eerst de blauw-zwart-witte vlag aan het publiek getoond. De “sinimustvalge” was tot dan toe nauwelijks in het straatbeeld te zien. De Estse SSR had een door Moskou opgelegde vlag toegewezen gekregen. Nog geen twee maanden later werd de vlag omarmd en bestempeld tot officiële vlag van Estland.

Wederom twee maanden later, in augustus, werd de Estse onafhankelijkheidspartij opgericht. Het doel van deze partij was klip en klaar, het herstellen van de soevereine staat Estland. Onder de bevolking leefde de op handen zijnde onafhankelijkheid meer dan ooit. Tijdens een zangfestival, georganiseerd bij Tallinn Lauluväljak, zongen duizenden Esten onder andere in het Ests. De taal die pas in januari 1989 weer de officiële status kreeg, nadat in november 1988 de Sovjet-Unie meer vrijheid had gegeven aan de Estse SSR in een soevereiniteitsverklaring.

Op 24 februari 1989 werd voor het eerst weer de Estse vlag gehesen op de Pikk Hermann, een grote toren in het oude centrum van Tallinn. Deze dag is niet willekeurig gekozen, het is immers de oorspronkelijke Onafhankelijkheidsdag van Estland. Datzelfde jaar, op 23 augustus, vormden duizenden mensen in Estland, Letland en Litouwen een menselijke keten. Deze vreedzame wijze van protesteren moest de aandacht vestigen op de langdurige bezetting van de Baltische staten door de Sovjet-Unie. Ook deze dag is niet willekeurig gekozen, het was precies 50 jaar na het tekenen van het Molotov-Ribbentroppact.

De Sovjet-Unie geeft Estland niet zomaar weg. Er volgt een transitieperiode waarin Estland weer als staat moet worden opgebouwd. Op 30 maart 1990 wordt daartoe besloten waarna op 8 mei 1990 de vlag, het wapen en het volkslied weer de officiële symbolen van Estland worden. Al maakt Estland op dat moment nog steeds deel uit van de Sovjet-Unie.

Op 3 maart 1991 volgt er een referendum, waarin de Esten wordt gevraagd of zij een onafhankelijk Estland willen. Een ruime meerderheid stemt voor, namelijk 77,8%. Deze uitslag kan niet zonder gevolgen blijven, waarna op 20 augustus 1991 Estland zich officieel (opnieuw) onafhankelijk verklaart van de Sovjet-Unie. Nog geen twee dagen later erkent IJsland de nieuwe status van Estland, waarna veel landen dit voorbeeld volgen.

1992 staat vrijwel volledig in het teken van het opbouwen van de staat. De nationale munteenheid, de kroon, wordt weer geïntroduceerd en er volgt een referendum over de grondwet. In september volgden verkiezingen voor de Riigikogu en een maand later werd Lennart Meri gekozen tot eerste president van het nieuwe Estland.

Estse presidentsverkiezingen – deel 3

Tarmo Soomere wordt toch niet de nieuwe president van Estland. De gezamenlijke kandidaat van Keskerakond en Reformierakond, twee politieke partijen, wist niet genoeg stemmen te behalen om als kandidaat voorgedragen te worden. Dit bleek uit een gesprek met bijna alle andere partijen in de Riigikogu. Om als kandidaat gekozen te worden, zijn minimaal 21 stemmen nodig. Wanneer dat gelukt was, waren minimaal 68 stemmen nodig om Soomere te kiezen als president.

Jüri Ratas, voorzitter van de Riigikogu en partijleider van Keskerakond, wilde niet prijsgeven welke partijen Soomere steunden en welke niet. Enkel van EKRE was bekend dat zij niet zouden stemmen op deze kandidaat maar hun volledige steun zouden geven aan Henn Põlluaas, hun eigen presidentskandidaat. Volgens Ratas ging het puur om te inventariseren of Soomere uiteindelijk 68 stemmen zou kunnen halen. Het is extra pijnlijk dat zelfs 21 stemmen niet zijn gelukt.

Komende maandag volgt er weer een gesprek tussen de politieke partijen onder leiding van de voorzitter. Het doel is om met een frisse blik te kijken naar de nieuwe mogelijkheden om een breed gedragen kandidaat te vinden voor het ambt. Kersti Kaljulaid, de huidige president, heeft nog niet aangegeven of zij zich opnieuw kandidaat zal stellen. Wel verwijst zij steeds vaker in toespraken naar haar “eerste ambtsperiode”, wat zou kunnen betekenen dat zij graag een tweede termijn zou willen uitdienen.

Ratas heeft wel de ambitie uitgesproken om de president te kiezen binnen de Riigikogu. De vorige verkiezingen eindigden namelijk bij de provinciebesturen. Mocht dit weer gebeuren, dan is zeker niet uitgesloten dat Kaljulaid wordt herkozen; bij het publiek is zij nog erg geliefd.

Estse presidentsverkiezingen – deel 2

Eind augustus kiest Estland een nieuwe president. Als alles volgens plan verloopt, is na twee stemrondes in de Riigikogu bekend wie deze functie de komende vijf jaar mag bekleden.

Op dit moment zijn er twee kandidaten bekend die sowieso mee zullen doen aan deze verkiezing. Een derde naam is nog onzeker, die moet nog bevestigd worden.

Kandidaten die zich verkiesbaar hebben gesteld:
– Kersti Kaljulaid (onafhankelijk – zittend president)
– Henn Põlluaas (EKRE)
– Tarmo Soomere (KESK & Reformierakond)

Daarnaast zijn er nog kandidaten die zich mogelijk verkiesbaar gaan stellen, onder hen bijvoorbeeld Andrus Ansip, Marina Kaljurand, Ülle Madise en Jüri Ratas. Al heeft Ratas laten weten dit niet te zullen doen. Echter gaan er wel geruchten dat zijn kandidatuur mogelijk het alternatieve plan is, wanneer de gezamenlijke voordracht van Soomere geen doorgang vindt.

In twee opiniepeilingen die in april zijn gehouden, blijkt dat Kaljulaid nog steeds de meest populaire keuze is. De peilingen laten voor de tweede plaats een kleine afwijking zien. Zowel Marina Kaljurand (sociaaldemocraten) als Jüri Ratas eindigen op deze plek. Pas op de derde plek eindigt Tarmo Soomere, de gezamenlijke kandidaat van Keskerakond en Reformierakond.

De uitkomst van deze peiling zwengelt de discussie over de wijze waarop de president gekozen wordt weer aan. Mocht Tarmo Soomere daadwerkelijk gekozen worden, dan blijkt in ieder geval uit twee onderzoeken dat hij niet breed gesteund wordt door de bevolking.