De Estse regering is niet van plan om de belasting op brandstof te verlagen, ondanks de oproep van de Estse Kamer van Koophandel.
De Kamer van Koophandel stelde voor om gedurende 6 maanden de belasting op diesel te verlagen naar het door de EU vastgestelde minimum van €0,330 per liter. De belasting in Estland per liter diesel is op dit moment €0,428. Het zou de concurrentiepositie van Estse bedrijven waarborgen en de prijzen voor de consument laag houden. Het zou zelfs een positieve invloed op de inflatie hebben. Toch gaat de Estse regering hier niet in mee.
Het besluit werd toegelicht door Minister van Klimaat Erkki Keldo. Het verlagen van belasting op brandstof is om financiële redenen geen optie, aldus Keldo. Als de belasting op alle brandstof verlaagd wordt, kost de staat dat €210 miljoen per jaar. Daarnaast bestaat de twijfel of de belastingverlaging wel wordt doorberekend aan de klant. Keldo haalt als voorbeeld Letland aan. De Letse regering verlaagde de belasting wel naar €0,33 per liter. Toch werd, volgens Keldo, daar niet de volledige verlaging doorberekend aan de klant.
Toch houdt de Estse regering de prijzen in de regio in de gaten. Waar Finland en Litouwen een hogere brandstofbelasting hebben, is Letland nu het goedkoopst in de regio, qua belasting. Doordat Letland de prijzen verlaagde, zijn de prijsverschillen tussen beide landen nagenoeg verdwenen. Hierdoor kan het gaan lonen voor inwoners in Zuid-Estland om in Noord-Letland te gaan tanken. Zolang de Letse maatregelen tijdelijk zijn, is er in Estland nog geen urgentie om te tornen aan de brandstofprijzen.
