Vanuit Paldiski rijden we richting Kloogaranna. Zwemmen in de zee bij Paldiski bleek niet zo’n heel goed idee. Kloogaranna zou, gezien de geschiedenis, een beter alternatief moeten zijn. De badplaats is sinds de jaren ’60 populair. Er werd zelfs een station gebouwd, waardoor er een treinverbinding vanuit Tallinn mogelijk was.
Ook nu is het er voor Estse begrippen vrij druk. De gratis parkeerplaats verraadt dat ook in Estland liever niet voor het parkeren betaald wordt. De parkeerplaats dichter bij het strand, waar men moet betalen, is aanzienlijk leger. Echt goed strandweer is het uiteindelijk niet. De zee is ruw, het waait hard en is niet bijzonder warm. De weersvoorspellingen voor de komende dagen zijn slechter dan vandaag, dus wagen we de gok. En we zijn niet de enige.
Na een paar uur in en naast de zee vertoefd te hebben, wandelen we rustig terug naar onze bus. Onderweg stoppen we nog bij een ijskraampje, waar we een jäätisekokteil halen. Vanille-ijs gemengd met vruchtensap; een gouden combinatie. De ijscocktail krijgen we mee in een statiegeldbeker. Wanneer we deze terugbrengen, krijgen we €1 terug, wordt ons uitgelegd. Een mooi systeem, dat in Estland wel lijkt te werken.
